Boxcamera’s zijn de oudste camera’s ter wereld. De eerste boxcamera werd gemaakt door Joseph Nicéphore Niépce in 1816. De camera was gemaakt van hout. Joseph gebruikte de camera voor veel experimentele fotografieën. De boxcamera bevatte in die tijd een irisdiafragma.
In 1839 maakte de heer Daguerre een grote sprong voor de wereld van fotografie, door zijn presentatie van een zeer zware, houten boxcamera die model zou staan voor veel vroege fotocamera’s. Het model: Een doos met een open achterzijde en een gat in het midden van de voorzijde om de lens of diafragma te monteren. Luiken waren niet nodig, de lensdop was voldoende. Een tweede doos, één met open voorzijde, hield achterin de lichtgevoelige plaat in de houder, of in plaats daarvan het focus geslepen glas. De tweede doos moest als een lade in de grotere eerste doos worden geschoven. Er werd scherpgesteld door de tweede doos naar voren of naar achteren te schuiven totdat het onderwerp van het beeld scherp op het scherm verscheen.
Daguerre gebruikte achromatische lenzen van de opticien Charles Chevalier.
Andere vroege makers van schuifdooscamera’s waren Gaudin & Lerebours (Frankrijk), James Ottevill (Engeland) en John Roberts (Verenigde Staten), evenals vele onbekende ambachtslieden uit de jaren 1840.